DEEL II: HET HANDVEST VAN DE GRONDRECHTEN VAN DE EUROPESE UNIE

TITEL I: WAARDIGHEID

ARTIKEL II-63: Het recht op menselijke integriteit

1. Eenieder heeft recht op lichamelijke en geestelijke integriteit.

2. In het kader van de geneeskunde en de biologie moeten met name in acht worden genomen:

a) de vrije en geïnformeerde toestemming van de betrokkene, volgens de bij de wet bepaalde regels;

b) het verbod van eugenetische praktijken, met name die welke selectie van personen tot doel hebben;

c) het verbod om het menselijk lichaam en bestanddelen daarvan als zodanig als bron van financieel voordeel aan te wenden;

d) het verbod van het reproductief kloneren van mensen.