DEEL III: BELEID EN WERKING VAN DE UNIE

TITEL VI: WERKING VAN DE UNIE

HOOFDSTUK II: FINANCIňLE BEPALINGEN

AFDELING 4: GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN

ARTIKEL III-412

1. Bij Europese wet

a) worden de financiŽle regels vastgesteld, met name betreffende de wijze waarop de begroting wordt opgesteld en uitgevoerd, alsmede de wijze waarop rekening en verantwoording wordt gedaan en de rekeningen worden nagezien;
b) worden de regels vastgesteld betreffende de controle van de verantwoordelijkheid van de financiŽle actoren, met name van ordonnateurs en rekenplichtigen.

De Europese wet wordt vastgesteld na raadpleging van de Rekenkamer.

2. De Raad stelt op voorstel van de Commissie bij Europese verordening de regels en de procedure vast volgens welke de budgettaire ontvangsten waarin het stelsel der eigen middelen van de Unie voorziet, ter beschikking van de Commissie worden gesteld, alsmede de maatregelen welke moeten worden toegepast om, in voorkomend geval, te voorzien in de behoefte aan kasmiddelen. De Raad besluit na raadpleging van het Europees Parlement en de Rekenkamer.

3. De Raad besluit tot 31 december 2006 met eenparigheid van stemmen in alle in dit artikel bedoelde gevallen.